FACT-FINDING MISSIE GAZA
BEVINDINGEN EN CONCLUSIES
Introductie
Van 3 tot 7 oktober 2011 bezocht een delegatie van stichting The Rights Forum
de bezette Gazastrook. Het doel van de reis was het vaststellen van feiten en
omstandigheden die ernstig inbreuk maken op de mensenrechten van Gazanen, die
schade toebrengen aan de humanitaire situatie en de economie aldaar en die de
vooruitzichten op een duurzame vrede tussen Israël en de Palestijnen
bedreigen.
The Rights Forum bezocht Gaza als onafhankelijke delegatie. Het bezoek werd
gefaciliteerd door de VN-organisaties UNRWA en OCHA en de Palestijnse
mensenrechtenorganisatie al-Mezan.
Namens het bestuur namen voorzitter Dries van Agt en Jules Hosman aan de
fact-finding missie deel. De leden van de Raad van Advies die deelnamen zijn
de voormalige bewindslieden Laurens Jan Brinkhorst, Jan Pronk en Bert de
Vries, alsmede de hoogleraren internationaal recht Marcel Brus en Liesbeth
Zegveld. Verder nam Martin Siepermann deel, directeur van The Rights
Forum.
Gesprekken
In de Gazastrook heeft de delegatie gesproken met hooggeplaatste
functionarissen van de VN-organisaties UNRWA, OCHA, OHCHR en UNDP,
deskundigen van mensenrechten- en ontwikkelingsorganisaties, academici en
vertegenwoordigers van de private sector.
De delegatie bracht veldbezoeken aan diverse plaatsen in de Gazastrook,
waaronder Rafah, Khan Younis, de vluchtelingenkampen al-Shati en Jabalya, het
noorden dat aan Israël grenst en de voormalige Israëlische
nederzetting Neve Dkalim, ontmanteld in 2005.
Bovendien voerde de delegatie een aantal politieke gesprekken, onder meer met
Ismail Haniyeh, premier van de Hamas-regering in de Gazastrook. In het al-
Shifa ziekenhuis werd de delegatie ontvangen door Dr. Basem Na’im,
minister van Gezondheid. Verder sprak zij met Osama al-Farra, gouverneur van
Khan Younis en een leider van Fatah.
Na het bezoek aan Gaza heeft de delegatie in Cairo gesproken met Nabil
Elaraby, Secretaris-Generaal van de Arabische Liga, plaatsvervangend minister
van Buitenlandse Zaken Bahaa Desouky en presidentskandidaat Amr Moussa. Tot
slot bracht de delegatie een bezoek aan Susan Blankhart, ambassadeur voor
Nederland in Egypte.
Conclusies
Op basis van eigen waarneming en de gesprekken met functionarissen van VN-
organisaties, deskundigen van mensenrechten- en ontwikkelingsorganisaties,
academici, vertegenwoordigers van het bedrijfsleven en politici, trekt de
delegatie de volgende conclusies:
1. De Israëlische blokkade van de Gazastrook dient onmiddellijk en
volledig opgeheven te worden, zoals ook geëist door de Europese Unie. De
blokkade is in strijd met het internationaal recht en veroorzaakt groot leed
onder de Gazaanse burgerbevolking.
2. De blokkade en ander beleid van Israël ontwrichten doelbewust en
permanent vitale sectoren van de Gazaanse samenleving en economie en
bestendigen de totale afhankelijkheid van de Gazastrook van internationale
humanitaire hulp. Voor de gevolgen hiervan is Israël aansprakelijk.
3. Ondanks de toezegging van Israël de blokkade te versoepelen, zijn de
leefomstandigheden van de Gazaanse burgerbevolking niet verbeterd. Integendeel, hoge VN-functionarissen en deskundigen meldden een
verslechtering van de situatie.
4. De blokkade is de directe oorzaak voor het ontstaan van de
‘tunneleconomie’ aan de Egyptisch-Gazaanse grens. Deze
tunneleconomie ondermijnt de reguliere economie en vergroot de sociale
ongelijkheid in Gaza.
5. Als bezettende mogendheid van de Gazastrook schiet Israël ernstig
tekort in het nakomen van zijn verplichtingen onder het humanitair
oorlogsrecht en mensenrechtenverdragen. Er zijn aanwijzingen dat Israël
probeert om zijn verantwoordelijkheid voor Gaza op Egypte af te schuiven.
6. De internationale gemeenschap dient met Hamas te praten. Hamas heeft
feitelijk de macht in Gaza en zal bij de zoektocht naar een politieke
oplossing betrokken moeten worden. Zolang contact met Hamas wordt geweigerd,
is vrede onmogelijk.
7. De internationale gemeenschap dient het proces van nationale verzoening
tussen Fatah en Hamas actief te ondersteunen. Pogingen van Israël om de
territoriale fragmentatie en de politieke verdeeldheid van de Palestijnen te
verergeren zijn onaanvaardbaar.
8. Wanneer het Israëlisch-Palestijnse conflict escaleert, heeft dat
negatieve gevolgen voor de interne situatie en de stabiliteit in Arabische
landen en bijgevolg voor Europa. Aanhoudende stagnatie in het Midden-Oosten
vredesproces zal leiden tot verharding en geweld.
9. Doordat de VN onderdeel is van het Midden-Oosten Kwartet staat zij niet
boven de partijen en is haar geloofwaardigheid in het geding. Deelname van de
VN aan het Kwartet is een misstand. Door het extreme pro-Israël beleid
van de VS en de passiviteit van de EU is het Kwartet niet effectief.
10. Door het eenzijdige Midden-Oosten beleid raakt Nederland in Europa steeds
meer geïsoleerd. Indien Nederland Israël onvoorwaardelijk blijft
steunen, ten koste van de rechten van de Palestijnen, kan dat de Nederlandse
belangen in de Arabische wereld schaden.
Bevindingen
De delegatie trekt deze conclusies op basis van onderstaande bevindingen,
geclusterd rond kernthema's uit het programma van haar fact-finding
missie:
Israëlische blokkade
De Gazastrook is al tientallen jaren onderworpen aan vergaande
Israëlische restricties. De hermetische blokkade die Israël in 2007
heeft ingesteld, heeft de situatie dramatisch verergerd. Alle
gesprekspartners, waaronder hoge functionarissen van de VN, waren het erover
eens: de blokkade moet onmiddellijk en volledig opgeheven worden. Die eis
wordt ook door de Europese Unie gesteld, maar niet afgedwongen.
De blokkade komt neer op collectieve bestraffing en is in strijd met de
verplichtingen van Israël onder het humanitair oorlogsrecht en
mensenrechtenverdragen.
Op basis van haar gesprekken concludeert de delegatie dat de blokkade erop
gericht is vitale sectoren van de Palestijnse samenleving en economie te
treffen en het civiele leven in de Gazastrook duurzaam te ontwrichten. Voor
de gevolgen hiervan is Israël aansprakelijk.
Van de zes grensovergangen die Gaza met Israël had, zijn er inmiddels
vijf vrijwel volledig gesloten. Daartoe behoort ook Karni, de belangrijkste
overgang voor de toevoer van goederen en humanitaire hulp. De enige
overgebleven overgang, Kerem Shalom, heeft een maximale verwerkingscapaciteit
van 300 vrachtwagens per dag. Karni kon circa 800 vrachtwagens verwerken.
Bovendien is de blokkade een instrument om Gaza in de armen van Egypte te
duwen, concludeert de delegatie. De blokkade koppelt Gaza niet alleen los van
Israël, maar ook van de Westelijke Jordaanoever. Hierdoor wordt de
haalbaarheid van de twee-statenoplossing sterk verkleind. De loskoppeling van
Israël staat haaks op de verplichtingen die Israël als bezettende
mogendheid voor het welzijn van de Gazaanse burgerbevolking heeft. Een
duidelijke aanwijzing voor het duurzame karakter van deze loskoppeling is dat
Karni niet alleen gesloten, maar zelfs ontmanteld is.
Sinds de val van het Moebarak-regime in Egypte, dat de zuidgrens van de
Gazastrook onder Amerikaanse en Israëlische druk had afgesloten, zijn de
uitreismogelijkheden voor personen verbeterd. Echter, door de beperkte
capaciteit van de Rafah-overgang kunnen per dag slechts 400 personen de
Egyptisch-Gazaanse grens passeren. Tienduizenden Gazaanse burgers wachten op
toestemming om de grens te passeren.
Een aandachtspunt van de delegatie was de zeeblokkade die Israël heeft
ingesteld. Anders dan het zogenaamde Palmer-rapport stelt, kan de zeeblokkade
niet los gezien worden van de landblokkade en komt zij neer op collectieve
bestraffing van de Gazaanse burgerbevolking, in strijd met het internationaal
recht.
De delegatie is tevens geïnformeerd over de effecten van de inperking
van het visgebied van de Palestijnen tot 3 zeemijl van de kust. 85% van het
visgebied waar de Palestijnen volgens de Oslo-akkoorden recht op hebben,
wordt hen daardoor ontnomen. Van de oorspronkelijk 3.000 vissers heeft
intussen 90% besloten niet langer uit te varen – een ramp voor de
65.000 Gazaanse burgers die van de visserij afhankelijk zijn. Veel vissers en
hun familie leven in grote armoede en zijn aangewezen op voedselhulp.
De delegatie sprak met vissers over vernederingen en beschietingen door de
Israëlische marine. De vissers vertelden over incidenten waarbij ze met
vuil water waren bespoten, zich moesten uitkleden en naakt door de zee
moesten zwemmen naar Israëlische patrouilleboten, waar ze vernederd en
mishandeld werden. Een van hen was gearresteerd en had dertien dagen in een
Israëlische gevangenis doorgebracht.
Vluchtelingen
Van de 1,6 miljoen Palestijnse in Gaza is circa 70% vluchteling. De helft van
deze vluchtelingen is jonger dan 18 jaar. De eerste generatie vluchtte uit
gebied waarin Israël in 1948 werd gesticht.
In 1949 werd de VN-organisatie UNRWA opgericht om de ergste nood te lenigen
en tijdelijk steun te verlenen. Inmiddels is de hulp van UNRWA een permanente
voorwaarde geworden voor het overleven van meer dan een miljoen vluchtelingen
in Gaza die Israël, in strijd met het internationaal recht, niet laat
terugkeren naar hun plaatsen van herkomst. Zij zijn volledig afhankelijk
geworden van internationale humanitaire hulp.
De gevolgen heeft de delegatie in de vluchtelingenkampen al-Shati en Jabalya
waargenomen, waar vluchtelingen onder slechte omstandigheden leven, zonder
perspectief op een menswaardig bestaan.
Humanitaire hulp
Circa 800.000 burgers in Gaza leven in armoede en zijn afhankelijk van
voedselhulp. Volgens gesprekspartners is de aanhoudende humanitaire crisis in
de Gazastrook het directe gevolg van Israëlisch beleid. Een
hooggeplaatste VN-functionaris zei: “Gaza is niet Soedan, en ook niet
Somalië. De situatie is het gevolg van de afsluiting van de bezette
Palestijnse gebieden, met inbegrip van Gaza, onder het mom van veiligheid,
waarbij de Palestijnen hun basale rechten en bescherming onder het
internationaal recht worden onthouden.”
De Israëlische blokkade heeft de humanitaire situatie in de afgelopen
jaren sterk verergerd. De delegatie werd geïnformeerd over projecten,
gefinancierd door Zweden en onder meer bedoeld om de toegang van
honderdduizenden burgers tot water te verbeteren, die al twee jaar op
uitvoering wachten, omdat Israël de aanvoer van nodige materialen
blokkeert. Slechts 12% van de projecten van UNRWA is door Israël
goedgekeurd.
Ondanks toezeggingen van Israël om de blokkade te versoepelen, is geen
wezenlijke verbetering waar te nemen, aldus hooggeplaatste VN-
functionarissen. Diverse bronnen meldden zelfs dat de situatie nu erger is
dan voorheen.
Een kwart van de Gazaanse burgers kan slechts met moeite overleven, ondanks
humanitaire hulp. Ook het onderwijs wordt zwaar getroffen. Het aantal scholen
dat door de blokkade niet gebouwd of uitgebreid kan worden, bedraagt 260.
Donorgelden gaan in de regel naar noodhulpprojecten. Strategische projecten
worden niet uitgevoerd; een structurele aanpak ontbreekt.
Economie
Gaza en Israël zijn decennialang een economische eenheid geweest. Veel
meer dan die van de Westelijke Jordaanoever, was de Gazaanse economie gericht
op Israël. De afgelopen jaren zijn die economische banden door
Israël doorgeknipt.
In de jaren negentig werkten circa 100.000 Palestijnen in Israël. Deze
werkgelegenheid, waar een groot deel van de Gazaanse bevolking van
afhankelijk was, is door de afsluiting volledig verdwenen.
De blokkade heeft de situatie verergerd. Sinds juli 2007 is een vrijwel
totale exportstop van kracht, in strijd met verplichtingen die Israël
onder gesloten akkoorden heeft. Sinds mei van dit jaar worden ook geen
bloemen en aardbeien meer doorgelaten, bestemd voor de export naar Nederland,
meldden deskundigen. Het importvolume bedraagt nog maar 40% van voor 2007.
Circa 120.000 banen zijn in de afgelopen twee jaar verloren gegaan. De
werkeloosheid ligt op ongeveer 40%.
De private sector is door de exportstop en het importverbod van
basismaterialen zo goed als vernietigd. Vooral de textielindustrie is zwaar
getroffen: van de naar schatting 37.000 Palestijnen die voor de blokkade in
deze sector werkzaam waren, heeft nog maar 4% een baan. Slechts 10% van de
600 textielbedrijven heeft kunnen overleven.
Beperkingen die Israël op Gazaans grondgebied heeft opgelegd, verergeren
de situatie. Langs de grens heeft Israël no-go zones ingesteld met een
breedte van tot vijfhonderd meter. Daar komen bij diverse high-risk zones met
een breedte variërend van 500 tot 1500 meter. Bij elkaar opgeteld
beslaan deze gebieden circa 17% van de Gazastrook. Hierdoor is van de
bruikbare landbouwgrond ongeveer 35% niet meer beschikbaar. Meer dan
honderdduizend mensen worden erdoor benadeeld. De economische schade per jaar
wordt geschat op meer dan € 35 miljoen.
Door de beperkte toegang tot water en energie, het importverbod van veel
basismaterialen, de vernieling door Israël van vitale infrastructuur en
de vernietiging van de private sector, inclusief de visserij, is sprake is
van de-development, aldus deskundigen.
De delegatie bezocht een cementfabriek, die afhankelijk is van toevoer vanuit
Israël. Door de blokkade kampt deze fabriek met ernstige tekorten, ten
koste van vitale projecten die dringend uitgevoerd moeten worden.
De delegatie bezocht ook de plek waar met Nederlands ontwikkelingsgeld in de
jaren negentig een haven gebouwd zou worden. Deze locatie is in 2001 door
Israël gebombardeerd. De miljoenenschade die dit heeft veroorzaakt,
heeft Israël nooit gecompenseerd.
Verder bezocht de delegatie een plantage bij een voormalige nederzetting. De
Israëlische nederzettingen in Gaza, bewoond door 8.000 kolonisten, zijn
in 2005 ontmanteld. Tot de ontmanteling besloegen zij 40% van de Gazaanse
landbouwgrond; 1,5 miljoen Palestijnen moesten het stellen met de rest. Op
het land waar de nederzettingen lagen, ontwikkelen de Palestijnse
autoriteiten duurzame landbouwprojecten.
Tijdens dit bezoek werd de delegatie herinnerd aan de overplaatsing van veel
kolonisten uit Gaza naar nederzettingen op de Westelijke Jordaanoever, in
strijd met eisen van onder meer de Europese Unie om hen niet opnieuw in bezet
gebied te vestigen.
Een belangrijk aandachtspunt was de ‘tunneleconomie’, die aan de
Egyptisch-Gazaanse grens is ontstaan. Deze economie is het directe gevolg van
de Israëlische blokkade. De delegatie bezocht een van de tunnels, waar
bouwmaterialen aangevoerd worden.
Door de ernstige tekorten in Gaza zijn de tunnels een life-line geworden voor
de aanvoer van essentiële producten. De tunneleconomie heeft echter veel
negatieve gevolgen, constateerde de delegatie. Zij ondermijnt de reguliere
economie en koppelt Gaza in toenemende mate aan de Egyptische economie. Deze
koppeling verkleint de mogelijkheden voor economische integratie met de
Westelijke Jordaanoever, een noodzakelijke voorwaarde voor de verwezenlijking
van een levensvatbare twee-statenoplossing. Bovendien is de tunneleconomie
gevoelig voor corruptie en vergroot zij de sociale ongelijkheid in Gaza. Een
nieuwe klasse van rijken is ontstaan, die met de tunnels grote winsten maakt.
De Hamas-autoriteiten zijn actief bij de tunneleconomie betrokken en
profiteren daarvan, maar hebben er geen volledige controle over. Dit werkt de
handel in wapens en drugs in de hand en stimuleert de criminaliteit.
Bovendien brengen de tunnels het risico van infiltratie van ongewenste
personen met zich mee, waaronder extremisten uit andere landen. Dit kan niet
alleen de veiligheid van Israël schaden, maar ook de interne veiligheid
in Gaza.
Een andere schaduwzijde van de tunnels is het grote aantal dodelijke
slachtoffers, intussen meer dan tweehonderd, dat te betreuren valt door het
instorten van tunnels, deels door bombardementen van het Israëlische
leger.
Gezondheidszorg
De gezondheidszorg in Gaza kampt met ernstige tekorten, veroorzaakt door de
blokkade. Tijdens een bezoek aan het al-Shifa ziekenhuis, het belangrijkste
ziekenhuis in de Gazastrook, werd de delegatie over de gevolgen gebriefd.
Artsen vertelden over een lijst van 420 essentiële medicijnen. Van 38%
van die medicijnen zijn de voorraden op. Zelfs middelen voor anesthesie en
ontsmetting ontbreken. Veel patiënten krijgen hierdoor niet de zorg die
ze nodig hebben.
Een arts vertelde dat circa 500 patiënten door de tekorten zijn
overleden. Circa 1000 patiënten zijn gestorven door oorzaken die
indirect aan de tekorten te wijten zijn. Overplaatsing van patiënten
naar ziekenhuizen op de Westelijke Jordaanoever is door de blokkade meestal
niet mogelijk.
De medicijntekorten gaan gepaard met een gebrek aan apparatuur, onderdelen en
gespecialiseerd personeel. Elektriciteitsuitval verergert de problemen. De
frequente uitval verkort de levensduur van apparatuur en kan niet altijd door
generatoren opgevangen worden. Reparaties kunnen door het tekort aan
onderdelen in veel gevallen niet plaatsvinden. Bovendien kampen generatoren
met tekorten aan brandstof.
De delegatie bezocht ook een privékliniek die specialistische hulp
biedt aan stoma-patiënten. Deze kliniek kampt met grote tekorten aan
stoma-zakjes, veroorzaakt door de blokkade en geldtekort.
Extreme stress is een hoofdoorzaak van de stomaklachten. Onder de 300
patiënten die bij de kliniek in behandeling zijn, bevinden zich
opvallend veel kinderen: 150. Een arts vertelde dat de oorzaak hiervoor
veelal gelegen is in schotwonden die kinderen in de buik oplopen, na
beschietingen door het Israëlische leger.
Tot slot bezocht de delegatie het Gaza Community Mental Health Programme
(GCMHP), opgezet door de Palestijnse psychiater Eyad al-Sarraj. Dit programma
bekommert zich om de vele Gazanen die ernstig getraumatiseerd zijn, waaronder
veel kinderen. Een medewerker vertelde dat 20-25% van de schoolgaande jeugd
aan een mentale ziekte lijdt, merendeels te wijten aan traumatische
ervaringen, zoals marteling van de vader, extreem geweld en grote armoede.
De trauma's komen onder meer tot uiting in afstomping en isolement, met alle
gevolgen van dien voor sociale contacten. Uitzichtloosheid en wanhoop zijn
een acuut probleem, vooral bij scholieren en studenten die afgestudeerd zijn
en geen toekomst hebben. Klachten worden veelal onderdrukt door intensief
gebruik van pijnstillers. In veel gevallen leidt dit tot ernstige
medicijnverslavingen.
De vertegenwoordiger van het GCMHP vertelde dat de psychische gevolgen van de
Israëlische aanval in 2008-09 (operatie ‘Cast Lead’) naar
verwachting twee tot drie generaties zullen voortduren. De gevolgen van de
hermetische en langdurige blokkade van Israël noemde hij “een van
de meest traumatische ervaringen die mensen hebben moeten
doorstaan.”
Met grote verbazing nam de delegatie kennis van het bericht dat de
Nederlandse regering de subsidie aan het GCMHP abrupt heeft stopgezet, zonder
overgangsregeling. In een situatie waarin de Gazaanse gezondheidszorg in een
ernstige crisis verkeert en honderdduizenden mensen getraumatiseerd zijn,
verergert deze beslissing de nood. Voor de uitvoering van diverse programma's
is het GCMHP afhankelijk van Nederlandse subsidie, die zij jarenlang heeft
ontvangen.
Water en milieu
Voordat de Israëlische nederzettingen in 2005 werden ontmanteld,
beschikte de Gazaanse bevolking over weinig water en was de verdeling van het
beschikbare water tussen de circa 8.000 kolonisten en de anderhalf miljoen
Gazanen zeer onrechtvaardig. Een groot deel van het water in de Gazastrook
lieten de Israëlische autoriteiten naar de kolonisten gaan, of naar
Israël. Tegen hoge prijzen konden de Palestijnen hun eigen water van
Israël terugkopen, terwijl het water voor de kolonisten gesubsidieerd
werd.
Met het verdwijnen van de nederzettingen is de situatie niet verbeterd. Anno
2011 heerst er een acute watercrisis in de Gazastrook. Deskundigen vertelden
dat circa 95% van het Gazaanse water verontreinigd is en dat er over vijf
jaar helemaal geen zoetwater meer beschikbaar zal zijn. Circa twintig zware
metalen zijn in het grondwater aanwezig. Water dat normaliter naar Gaza zou
stromen en het grondwaterpeil aldaar zou aanvullen, wordt door Israël op
grote schaal afgetapt. Een vertegenwoordiger van de plaatselijke
waterautoriteit vatte de situatie als volgt samen: “Gaza is een dood
lichaam. Zonder water is er geen leven.”
De waterzuiveringcapaciteit in Gaza ligt ver beneden het minimum. De
delegatie bezocht de plek waar elke dag meer dan 50 miljoen liter rioolwater
de zee instroomt. Dit rioolwater is slechts matig gezuiverd. Bij een ander
riool, ten zuiden van Gaza-stad, stroomt dagelijks 12-15 miljoen liter de zee
in, zonder zuivering. Het derde riool, in het zuiden van de Gazastrook, voert
water af dat beter gezuiverd is.
De grote gebreken in de zuivering van rioolwater zijn het gevolg van de
blokkade. Daardoor kan geen aanleg, verbetering en uitbreiding van
zuiveringsinstallaties plaatsvinden. Elk onderdeel dat de autoriteiten willen
importeren, moet vooraf de goedkeuring van Israël krijgen. Grootschalige
projecten komen niet van de grond.
De gevolgen voor de volksgezondheid zijn ernstig. Doordat het zeewater
ernstig vervuild is, is zwemmen gevaarlijk. Veel Gazanen die toch het water
ingaan, krijgen huiduitslag. Vissen die dichtbij de kust leven, zijn ziek.
Delen van Gaza zonder basale sanitaire voorzieningen kampen met grote
problemen. Hiertoe behoort de al-Zarqa buurt in Gaza-stad. Een recent
onderzoek aldaar wees uit dat 64% van de respondenten lijdt aan parasitaire
infecties en 61% aan huidziekten. 53% van de kinderen heeft last van
diarree.
De enige duurzame oplossing voor de watercrisis is ontzilting, aldus een
deskundige. De delegatie bezocht een ontziltingsinstallatie in het midden van
de Gazastrook. Het betreft een pilot project, gefinancierd door onder meer
Oostenrijk, UNDP en Unicef, dat 110 huizen van schoon drinkwater voorziet.
In het zuiden van de Gazastrook is een grootschaliger ontziltingsproject
gepland. De realisatie daarvan is afhankelijk van de beëindiging van de
blokkade, vertelde de manager van het pilot project.
Israëlische aanval 2008-09
De delegatie ontving een briefing over de grootschalige Israëlische
aanval op de Gazastrook, die in december 2008 en januari 2009 plaatsvond
(operatie ‘Cast Lead’). Tijdens die aanval zijn meer dan 1.400
Palestijnen gedood, merendeels burgers.
Aanvallen zijn destijds niet alleen op militaire doelen uitgevoerd, maar ook
op civiele installaties en infrastructuur die voor het functioneren van de
Gazaanse economie en samenleving van groot belang zijn. Gesprekspartners
stelden dat dit tot doel had de burgerbevolking murw te maken en het interne
draagvlak voor de Hamas-regering te verzwakken.
De delegatie heeft een bezoek gebracht aan de Samouni-familie, woonachtig in
de al-Zeitoun buurt in het noorden van de Gazastrook. 29 leden van deze
familie zijn door Israëlische beschietingen gedood in een huis waar zij
op bevel van het Israëlische leger hun toevlucht hadden gezocht. Velen
van hen zijn doodgebloed, omdat het leger lang medische hulp heeft
tegengehouden.
De delegatie bezocht een ander gezin, dat drie jaar na de aanval nog steeds
een tijdelijk onderkomen heeft. Het huis van dit gezin is tijdens de oorlog
verwoest. De vader vertelde over bombardementen met witte fosfor, waarvan de
lange-termijn effecten op de gezondheid ongewis zijn. Hij klaagde over het
totale gebrek aan bescherming voor burgers: “Wij betalen de zwaarste
prijs, terwijl we niets met het conflict te maken hebben.”
Verder ontving de delegatie briefings van VN-organisaties OCHA en UNDP over
de fysieke schade die de aanval van 2008-09 aan de civiele infrastructuur
heeft toegebracht, waaronder sanitaire voorzieningen, scholen en woonhuizen.
Een maand na de aanval was die schade door de VN in kaart gebracht. De
volgende cijfers, afkomstig van VN-bronnen, illustreren de omvang ervan: 30
km waterleidingen vernield, 11 waterbronnen vernield, meer dan 200 scholen
vernield of zwaar beschadigd, 6.000 huizen vernield of zwaar beschadigd en
meer dan 50.000 huizen licht beschadigd.
Terwijl de internationale gemeenschap spoedig geld heeft vrijgemaakt, heeft
de wederopbouw grote vertraging opgelopen door de jarenlange weigering van
Israël om bouwmaterialen toe te laten. Getroffen burgers hebben veelal
moeten terugvallen op de steun van familie en buren, die zelf in nood
verkeerden.
Mensenrechtensituatie in Gaza
De delegatie is over de interne mensenrechtensituatie gebriefd. Tijdens en na
de machtsovername in 2007 door Hamas hebben ernstige mensenrechtenschendingen
plaatsvonden. Sindsdien is de mensenrechtensituatie verbeterd, vernam de
delegatie.
Schendingen blijven echter voortduren. Aandachtspunten van lokale
mensenrechtenorganisaties, die de autoriteiten belobbyen, zijn onder meer de
vrijheden van maatschappelijke organisaties, de positie van de vrouw,
toepassing van de doodstraf en de behandeling van gevangenen.
Een punt van zorg is dat de VN-mensenrechtenorganisatie OHCHR de
omstandigheden in gevangenissen van de Hamas-regering niet mag monitoren. De
oorzaak hiervan is dat OHCHR geen contacten mag onderhouden met Hamas, omdat
de VN onderdeel is van het Midden-Oosten Kwartet dat Hamas boycot.
Gesprekspartners vertelden dat Hamas de gevangenissen voor inspectie zou
openstellen, indien OHCHR erom zou vragen.
Een ander punt van zorg is de kwaliteit van de rechtspraak in Gaza, in het
bijzonder van de High Judiciary Council. Rechters die na de machtsovername
van Hamas zijn benoemd, hadden weinig professionele ervaring. Advocaten die
cliënten bijstaan, hebben weinig vertrouwen in de rechtspraak en
verschijnen in veel gevallen niet voor de rechtbank.
Verzoening Hamas-Fatah
De delegatie heeft veel gesprekken gevoerd over de interne verdeeldheid
tussen Hamas en Fatah. Alle gesprekspartners, inclusief hooggeplaatste VN-
functionarissen, waren het erover eens dat nationale verzoening aan
Palestijnse zijde een noodzakelijke voorwaarde voor vooruitgang is en
derhalve zeer urgent.
Van onafhankelijke bronnen vernam de delegatie dat Hamas in 2007 niet
voornemens was om de macht in Gaza te monopoliseren, maar defensief ageerde
toen de Fatah-beweging door buitenlandse mogendheden werd aangezet een
militaire coup te plegen, erop gericht Hamas te verdrijven, ondanks het feit
dat Hamas de onbetwiste winnaar was van de volgens internationale waarnemers
eerlijk verlopen parlementsverkiezingen die in 2006 hadden plaatsgevonden.
Gesprekspartners wezen erop dat de Palestijnse verdeeldheid Israël in de
kaart speelt en door Israël wordt aangewakkerd. De tegenstelling
‘vrede of verzoening’, die door Israël en de VS is
gecreëerd, is een miskenning van de realiteit dat Palestijnse verzoening
juist een voorwaarde voor vrede is.
In het gesprek dat de delegatie met Ismail Haniyeh had, premier van de
Hamas-regering, onderstreepte Haniyeh het commitment van Hamas aan het proces
van Palestijnse verzoening. De stap van de president Abbas naar de VN,
teneinde internationale erkenning te verkrijgen voor de Palestijnse staat,
heeft dit proces vertraagd, maar niet tot stilstand gebracht. Over de afloop
van het verzoeningsproces was premier Haniyeh optimistisch.
De stap naar de VN volgt Hamas met argwaan, omdat die zonder vooroverleg met
Hamas en andere Palestijnse facties is genomen, omdat de gevolgen voor
kernthema’s als de Palestijnse vluchtelingen onduidelijk zijn en omdat
de stap geen onderdeel is van een integrale nationale strategie. Terwijl
Hamas kritisch is, wil het de inspanningen van president Abbas ook niet
ondermijnen, vernam de delegatie.
Conflict met Israël
Sinds 2005 zijn in Gaza naar schatting 3.000 Palestijnen gedood, de
slachtoffers van de Israëlische aanval van 2008-09 meegerekend.
Israëlische aanvallen op Gaza duren voort en maken herhaaldelijk
slachtoffers, ook onder de burgerbevolking. Het Internationale Rode Kruis,
dat de delegatie heeft gebriefd, kwalificeert de situatie in Gaza daarom als
armed conflict.
De situatie in Gaza wordt gekenmerkt door een acuut beschermingsdeficit:
burgers leven in grote onveiligheid en zijn overgeleverd aan beschietingen
door Israël. Een gesprekspartner bracht het als volgt onder woorden:
“Meer nog dan humanitaire hulp heeft de Gazaanse burgerbevolking
menselijke waardigheid en bescherming van fundamentele rechten
nodig.”
De delegatie sprak een familie die in gebied woont dat regelmatig door
Israël wordt beschoten. Zij werd met diepe teleurstelling en bitterheid
geconfronteerd, toen de moeder van het gezin zei: “U komt en gaat, en
ik blijf met mijn kinderen bij de frontlinie achter.”
De aanhoudende beschietingen van Palestijnse vissers, ook binnen de 3-mijl
zone die Israël heeft vastgesteld, zijn ook een symptoom van de
onveiligheid waar Gazaanse burgers aan blootstaan.
Een ander symptoom zijn de aanvallen op civiele infrastructuur. De delegatie
bezocht een pompstation dat in juli 2011 door Israël gebombardeerd is.
Dit pompstation, gefinancierd door Japan en bijna voltooid, had rioolwater
vanuit het midden van de Gazastrook naar zuiveringsinstallaties in het
noorden moeten pompen.
Het pompstation is gelegen naast de enige elektriciteitscentrale in de
Gazastrook, die bij Israëlische bombardementen in 2006 grote schade
heeft opgelopen. Tijdens de aanval in 2008-09 is de centrale wederom zwaar
beschadigd.
Een kwestie die het Rode Kruis onder de aandacht van de delegatie bracht, is
het lot van de meer dan vijfduizend Palestijnse gevangenen in
Israëlische gevangenissen. In strijd met het humanitair oorlogsrecht
heeft Israël hen vanuit bezet gebied naar Israël overgebracht. Meer
dan tweehonderd gevangenen worden in administratie vastgehouden.
Circa 650 gevangenen komen uit Gaza (situatie voor gevangenenruil). Sinds
2007 hebben zij geen familiebezoek mogen ontvangen. Bij gevangenen en
familieleden veroorzaakt dit veel leed. Soms weet de familie niet eens waar
de gevangene zich bevindt. Het lot van de Israƫlische soldaat Gilad Shalit, die sinds 2006 in de Gazastrook werd vastgehouden en die op 18 oktober 2011 is vrijgelaten, kwam tijdens het gesprek eveneens aan de orde. In strijd met het humanitair oorlogsrecht had het Rode Kruis tijdens zijn gevangenschap geen toegang tot Shalit. Contact met zijn familie werd hem onthouden.
Met Ismail Haniyeh, premier van de Hamas-regering, besprak de delegatie het
gebruik van geweld, waaronder beschietingen met raketten, die vanuit Gaza op
Israël afgevuurd worden. Door deze beschietingen, die in strijd zijn met
het humanitair oorlogsrecht, zijn sinds 2001 circa dertig
Israëli’s gedood. Tijdens een fact-finding missie in mei 2010
bezocht een delegatie van The Rights Forum de Israëlische plaats Sderot
en sprak zij met burgers die te lijden hebben onder de beschietingen.
Premier Haniyeh verzekerde dat zijn regering een bewuste keuze voor de-
escalatie heeft gemaakt, waardoor al geruime tijd een eenzijdige
wapenstilstand van kracht is. De regering spant zich in om beschietingen te
voorkomen en slaagt daar grotendeels in. Sporadische beschietingen door
splinterorganisaties die doorgaan, in veel gevallen na Israëlische
geweldsacties, worden buiten de directe controle en tegen de instructies van
de Hamas-regering uitgevoerd, vernam de delegatie.
Premier Haniyeh onderstreepte de bereidheid van Hamas om een Palestijnse
staat binnen de grenzen van '67 te aanvaarden, waarvan Oost-Jeruzalem de
hoofdstad is. De premier wees erop dat het Israël is dat die grenzen
afwijst en dat de Israëlische regering alles doet om te voorkomen dat
Oost-Jeruzalem de Palestijnse hoofdstad wordt.
Premier Haniyeh benadrukte ook dat er geen sprake is van een conflict met
joden. Het probleem is de Israëlische bezetting, zei Haniyeh, die aangaf
vaak joodse bezoekers te ontvangen.
Internationale diplomatie
Met veel gesprekspartners heeft de delegatie over de rol van de
internationale gemeenschap gesproken, specifiek in relatie tot Gaza. Een
bijzonder aandachtspunt daarbij was de deelname van de VN aan het Midden-
Oosten Kwartet, waar ook de VS, EU en Rusland deel van uitmaken.
Door aan het Kwartet deel te nemen, staat de VN niet langer boven de partijen
en is zij gepolitiseerd geraakt. De geloofwaardigheid van de VN is ernstig in
het geding, concludeert de delegatie, en haar manoeuvreerruimte sterk
beperkt, vooral door haar onvermogen directe contacten te onderhouden met de
Hamas-regering, die door het Kwartet wordt geboycot. Door deze boycot kunnen
VN-organisaties vrijwel geen afstemming plegen over de wederopbouw van Gaza
en de beschikbaarstelling van humanitaire hulp. De mogelijkheden om de acute
humanitaire, economische en ecologische crisis in Gaza te bedwingen, worden
hierdoor ernstig beperkt.
Overigens is humanitaire hulp niet het kernprobleem, benadrukten diverse
gesprekspartners. Dat is het gebrek aan bescherming van de burgerbevolking,
doordat de Israëlische bezetting voortduurt en een rechtvaardige en
duurzame politieke oplossing uitblijft.
Alle gesprekspartners waren van mening dat met Hamas gesproken moet worden.
Het isoleren van Hamas in een situatie waarin Israël doorgaat met
ernstige schendingen van het internationaal recht is volstrekt
ongeloofwaardig, ondermijnt de kansen op Palestijnse verzoening en vergroot
de afhankelijkheid van Hamas van Iran.
De delegatie nam kennis van grote teleurstelling over de opstelling van de
VS, die het beleid van de regering-Netanyahu onvoorwaardelijk steunt, ten
koste van de vooruitzichten op vrede. De VS is deel van het probleem, niet
van de oplossing, en zal geen leiderschap tonen, was de boodschap van veel
gesprekspartners.
Intussen is er in Israël geen politiek draagvlak voor een rechtvaardige
oplossing en raakt het Palestijnse leiderschap in toenemende mate
gefrustreerd. President Abbas heeft alles gedaan wat van hem verwacht werd,
zonder daar iets voor terug te krijgen. Een hooggeplaatste gesprekspartner
merkte op dat Abbas de laatste Palestijnse leider is die bereid is een
vredesovereenkomst te sluiten waarbij de Palestijnen hun rechten deels zouden
opgeven.
Wil er een doorbraak komen, zal de Europese Unie het initiatief moeten nemen
en verantwoordelijkheid dragen, was het signaal dat de delegatie telkens weer
ontving. Daarmee zou de EU ook haar eigen belang dienen, werd benadrukt, want
instabiliteit en onveiligheid veroorzaakt door stagnatie in het vredesproces
treft óók Europa. Het vertrouwen dat Europa een doorbraak kan
bewerkstelligen, neemt bij velen af, constateerde de delegatie.
Grote verbazing uitten veel gesprekspartners over de opstelling van
Nederland. Op veel plaatsen blijkt doorgedrongen dat de Nederlandse regering
Israël onvoorwaardelijk steunt, en daarmee het anti-vrede beleid van de
regering-Netanyahu. Een hooggeplaatste gesprekspartner vroeg zich af hoe het
kan het land dat zich presenteert als juridische hoofdstad van de wereld het
internationaal recht altijd en overal van toepassing acht, behalve in het
geval van Israël. De geloofwaardigheid en internationale positie van
Nederland zijn hierdoor in het geding, concludeert de delegatie.
Een hooggeplaatste VN-bron benadrukte dat de window voor de oprichting van
een Palestijnse staat dichtgaat. Alle belangrijke indicatoren wijzen de
verkeerde kant op: de kolonisatie van de Westoever gaat onverminderd door en
Oost-Jeruzalem wordt fysiek ingelijfd. Gaza wordt in de armen van Egypte
geduwd, waardoor de scheiding tussen Gaza en de Westoever vergroot.
Waarschuwingen dat het vijf-voor-twaalf is voor de twee-statenoplossing,
getuigen van veel optimisme, aldus deze VN-bron.