Voor een rechtvaardig Midden-Oosten beleid
In december 2010, enkele weken na het aantreden van het kabinet-Rutte, zei minister van Buitenlandse Zaken Rosenthal (VVD) in de Tweede Kamer: “Ik denk dat het van belang is om weerstand te bieden tegen wat wel ‘Israëlbashing’ wordt genoemd.”
Het “weerstand bieden” aan “Israëlbashing” werd de kern van Rosenthal’s Midden-Oosten beleid en uitte zich vooral op twee manieren: het intensiveren van Nederlands-Israëlische betrekkingen en het frustreren en blokkeren van EU-posities over Israël en het Midden-Oosten vredesproces.
De gevolgen van dit beleid waren uiterst negatief: Nederland heeft de Israëlische regering het signaal gegeven dat zij op de ingeslagen weg kon doorgaan, de besluitvaardigheid van de Europese Unie ondermijnd en de reputatie van Nederland als internationale Hoofdstad van het Recht aangetast.
Minister Rosenthal kon dit beleid, in nauwe samenwerking met minister van Economische Zaken Verhagen (CDA), alleen uitvoeren, omdat hij massief en doorlopend door een Kamermeerderheid gesteund is. Het is daarom belangrijk om inzicht te hebben in de posities die de partijen ten aanzien van het Israëlisch-Palestijnse conflict hebben ingenomen.
Om aan dit inzicht bij te dragen heeft The Rights Forum 100 debatten, 39 moties en 103 (sets) Kamervragen doorgelicht die direct betrekking hebben op het Israëlisch-Palestijnse conflict, het Midden-Oosten vredesproces en/of de relaties van Nederland met Israël en de Palestijnen. De resultaten van deze diepgaande analyse kunt u nalezen in onze Monitor Midden-Oosten beleid.
De voornaamste conclusies zijn:
• De Kamermeerderheid die minister Rosenthal’s beleid onvoorwaardelijk steunde werd gevormd door vijf partijen: VVD, CDA, PVV, ChristenUnie en SGP.
• De Kamerfracties van de VVD en het CDA hebben het beleid van ministers Rosenthal en Verhagen in de Tweede Kamer altijd verdedigd en nooit ter discussie gesteld.
• Bij stemmingen verschaften PVV, ChristenUnie en SGP de automatische meerderheid. Deze partijen hebben bovendien getracht de steun aan Israël nog verder op te voeren, vooral door de Nederlands-Palestijnse betrekkingen voortdurend onder druk te zetten.
• Het activisme van de PVV is zonder precedent: de partij diende 37 sets Kamervragen en 24 moties in.
• Wanneer daar de vragen en moties van ChristenUnie en SGP bij worden opgeteld, blijkt dat het blok PVV-ChristenUnie-SGP verantwoordelijk is voor 45% van de Kamervragen en 72% van de moties.
• Wanneer men de opstelling van VVD, CDA, PVV, ChristenUnie en SGP beziet in het licht van de schendingen van het internationaal recht die in het Israëlisch-Palestijnse conflict worden gepleegd, wordt duidelijk: deze partijen hebben geen antwoord op de rechteloosheid die dit conflict kenmerkt en geen antwoord op beleid van Israël dat vrede blokkeert.
• Tijdens het kabinet Rutte hebben de PvdA, SP, GroenLinks en D66 de relevantie en toepasbaarheid van het internationaal recht vaak benadrukt. Door de krachtverhoudingen in het parlement en de onwrikbaarheid van VVD, CDA, PVV, ChristenUnie en SGP konden deze partijen het beleid echter niet ombuigen.
1. Tien Feiten over mensenrechtenschendingen tijdens kabinetsperiode Rutte-I
2. Nederzettingenmonitor kabinetsperiode Rutte-I
3. Opinieartikel "Pro-Israël beleid Rutte-I: gelogen en belonen ondanks nederzettingen"
"Wanneer men de opstelling van VVD, CDA, PVV, ChristenUnie en SGP beziet in het licht van de schendingen van het internationaal recht die in het Israƫlisch-Palestijnse conflict worden gepleegd, wordt duidelijk: deze partijen hebben geen antwoord op de rechteloosheid die dit conflict kenmerkt."
Monitor Midden-Oosten Beleid
The Rights Forum, september 2012