Voor een rechtvaardig Midden-Oosten beleid
Zowel Israël als Palestijnse actoren plegen ernstige schendingen van het internationaal recht. Van Palestijnse zijde verdienen vooral de raketbeschietingen vanuit Gaza aandacht, die in veel gevallen Israëlische burgerdoelen treffen. In 2011 vuurden Palestijnse groeperingen vanuit de Gazastrook zo'n 680 raketten of mortieren op Israel af. Drie Israëlische burgers werden door Palestijnse aanvallen vanuit Gaza gedood, 81 raakten gewond.
Het Israëlische leger viel in 2011 bijna honderd keer de Gazastrook binnen, die Israel sinds 1967 bezet houdt. Israel vuurde bovendien meer dan vijfhonderd raketten en mortieren op Gaza af en beschoot bijna honderd keer Palestijnse vissers in wateren voor de Gazaanse kust. 108 Palestijnen in Gaza werden door Israëlische aanvallen gedood, 467 raakten gewond.
Vanuit Nederlands perspectief zijn de
Israëlische schendingen extra relevant: het
kabinet-Rutte heeft de Israëlische regering onvoorwaardelijk gesteund
en de betrekkingen met Israel geïntensiveerd. In een situatie
waarin het bevriende partnerland doorlopend ernstige schendingen van het
internationaal pleegt, moet de Nederlandse regering zich voor deze politieke
keuze verantwoorden.
Hieronder een tiental feiten die de ernst en omvang van Israëlische
schendingen van het internationaal recht illustreren. Alle cijfers zijn
gebaseerd op informatie van de Verenigde Naties, Amnesty International,
Defence for Children en Israëlische mensenrechtenorganisaties. Deze
cijfers hebben zoveel mogelijk betrekking op de kabinetsperiode Rutte-I
(oktober 2010 tot heden).
| Feit 1: Tijdens de kabinetsperiode Rutte-I heeft Israël de bouw van meer dan 15.000 nieuwe woningen in nederzettingen aangekondigd of goedgekeurd. De nederzettingen, gelegen in bezet Palestijns gebied, zijn in strijd met het internationaal recht. Anno 2012 zijn er 124 nederzettingen en circa 100 ‘buitenposten’, die huisvesting bieden aan meer dan 500.000 kolonisten. [bron] |
|---|
| Feit 2: Tijdens de kabinetsperiode Rutte-I zijn bijna 1.900 Palestijnen op de Westelijke Jordaanoever, onder wie meer dan 1.000 kinderen, dakloos geworden als gevolg van huisuitzettingen en huisvernielingen door het Israëlische leger. In deze periode heeft Israël op de Westoever meer dan 1.000 Palestijnse bouwwerken vernietigd, waaronder woonhuizen en waterputten. [bron] |
|---|
| Feit 3: Tijdens de kabinetsperiode Rutte-I waren er bijna 200 incidenten van geweld van kolonisten tegen Palestijnse burgers en meer dan 500 incidenten van vernielingen van Palestijnse eigendommen door kolonisten. Ten opzichte van 2010 nam het kolonistengeweld in 2011 met 40% toe. Een enkele uitzondering daargelaten werden de daders niet vervolgd en bestraft. [bron 1] [bron 2] |
|---|
| Feit 4: Tijdens de kabinetsperiode Rutte-I raakten door Israëlisch geweld bijna 4.400 Palestijnse burgers gewond, waaronder zo’n 700 kinderen. In dezelfde periode raakten 140 Israëlische burgers, waaronder 4 kinderen, door Palestijns geweld gewond. 79 Palestijnse burgers werden door Israëlisch geweld gedood, tegenover 12 Israëlische burgers door Palestijns geweld. [bron] |
|---|
| Feit 5: Tijdens de kabinetsperiode Rutte-I duurde de straffeloosheid voort, na buitensporig geweld van het Israëlische leger tegen Palestijnse burgers en hun bezittingen. Slechts 3,5% van de klachten die in de afgelopen 10 jaar werden ingediend, leidde tot vervolging. Van de 700 klachten die in deze periode zijn ingediend wegens marteling, leidde geen enkele tot een strafrechtelijk onderzoek. [bron 1] [bron 2] |
|---|
| Feit 6: Tijdens de kabinetsperiode Rutte-I handhaafde Israël de blokkade van de Gazastrook, die volgens de VN neerkomt op collectieve bestraffing van de Palestijnse bevolking en derhalve strijdig is met het internationaal recht. De gevolgen van de blokkade zijn onverminderd ernstig. In 2011 bleef de export via Israel beperkt tot één vrachtwagenlading per dag, minder dan 3% van het gemiddelde exportvolume vóór aanvang van de blokkade. Ook de invoer is aan zware beperkingen onderworpen, onder meer van bouwmaterialen en medicijnen. Bovendien verhindert het Israëlische leger het gebruik van 35% van de landbouwgrond in Gaza en is 85% van de Gazaanse visgronden niet of nauwelijks toegankelijk. Mede daardoor leeft bijna 40% van de Gazanen in armoede. [bron] |
|---|
| Feit 7: Tijdens de kabinetsperiode Rutte-I duurde de watercrisis in de bezette Palestijnse gebieden voort, veroorzaakt door Israëlisch beleid. In de Gazastrook verhindert de Israëlische blokkade een adequate waterzuivering (noodzakelijke onderdelen kunnen niet ingevoerd worden). Hierdoor is meer dan 90% van het grondwater in Gaza dusdanig verontreinigd dat het drinken ervan grote gezondheidsrisico's met zich meebrengt. Op de Westelijke Jordaanoever handhaafde Israel de zeer ongelijke verdeling van water. De bijna 450.000 kolonisten op de Westoever (excl. Oost-Jeruzalem) beschikken over evenveel water als de 2,3 miljoen Palestijnen die er wonen. Terwijl een Palestijn op de Westoever dagelijks beschikt over gemiddeld 70 liter water, beschikt een kolonist over 242 liter. Sommige Palestijnse dorpen beschikken over slechts 10 liter per persoon per dag, een situatie die vergelijkbaar is met vluchtelingenkampen in Soedan en Congo. De Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) hanteert 100 liter als minimum. Palestijnen betalen bovendien gemiddeld 5 keer zoveel voor hun water als kolonisten. [bron 1] [bron 2] |
|---|
| Feit 8: Tijdens de kabinetsperiode Rutte-I zaten op elk willekeurig moment gemiddeld 200 Palestijnse kinderen vast in Israëlische gevangenissen. Veel van deze kinderen ondergaan intimiderende verhoren, waarin beledigingen, bedreigingen en fysiek geweld aan de orde van de dag zijn. Hiermee schendt Israel het Verdrag van de Rechten van het Kind. Regelmatig komt het voor dat Palestijnse kinderen Hebreeuwse documenten moeten tekenen, die zij niet begrijpen. In strijd met de Vierde Conventie van Genève wordt een groot deel van hen vanuit bezet gebied overgebracht naar gevangenissen in Israel. [bron] |
|---|
| Feit 9: Tijdens de kabinetsperiode Rutte-I is Israël doorgegaan met de bouw van de afscheidingsbarrière ("muur") op de Westelijke Jordaanoever. In 2004 bepaalde het Internationaal Gerechtshof dat de barrière, voor zover gebouwd in bezet gebied, in strijd is met het internationaal recht. Na voltooiing volgens het geplande traject zal de barrière Palestijns gebied inlijven waarin meer dan 80% van de kolonistenpopulatie woont Het ingelijfde gebied zal circa 10% van de Westoever beslaan en omvat ook Oost-Jeruzalem. [bron 1] [bron 2] |
|---|
| Feit 10: Tijdens de kabinetsperiode Rutte-I zijn Israëlische mensenrechtenverdedigers steeds meer in de verdrukking geraakt. Hun vrijheden zijn met antidemocratische wetgeving ingeperkt. Het Israëlische parlement nam drie wetten aan die dat effect hebben. In aanvulling daarop zijn de afgelopen twee jaar vijf antidemocratische wetsvoorstellen ingediend, die nog niet zijn bekrachtigd. [bron] |
|---|
1. VN-factsheet over nederzettingenpolitiek (januari 2012)
2. Dossier kolonistengeweld
3. Monitor Midden-Oosten Beleid
De Israëlische mensenrechtenorganisatie B'Tselem heeft een compilatievideo gemaakt met beelden van ernstige mensenrechtenschendingen die vrijwilligers in 2011 hebben gefilmd.
De Israëlische mensenrechtenorganisatie Breaking the Silence verzamelt getuigenissen van oud-militairen. In deze video vertelt een oud-militair over hoe het leger een 12 jarige Palestijnse jongen doodt.
In 2011 hebben kolonisten meer dan 10.000 olijfbomen van Palestijnse boeren vernield. Een olijfboom doet er generaties over om tot volle wasdom te komen.
Jaarlijkse raken honderden Palestijnse kinderen op de Westelijke Jordaanoever dakloos door huisuitzettingen of huisvernielingen door het Israëlische leger. Bekijk hier een rapportage over deze kwestie van het Israëlische fotografencollectief Active Stills.